Kees’ kijk op Carmen (13, slot)

Kees Steketee schrijft tweewekelijks een column over de gebeurtenissen rondom Carmen in Delfzijl. De column wordt gepubliceerd in De Eemslander.

Soms een beetje dwars, soms een beetje anders. Soms van binnenuit, soms van de zijlijn. Maar altijd een eigen blik op de Carmen hectiek…

Merchandising, kassa, dranghekken, het lijkt wel het terrein van een popfestival. Maar ik weet wel beter. Ik zie mensen in mooie pakken en dito jurken, ikzelf ben ook gesommeerd mijn mooiste pak, uiteraard zwart, aan te trekken: de première is daar.
Over hun mooie jurken dragen de dames over het algemeen lange jassen, want de warmbloedigheid van Carmen is nog niet doorgedrongen in de hele atmosfeer boven Delfzijl. Er drijven wolken over, en de wind komt precies uit de Poststraat naar het Molenbergplein gewaaid. En ik vind juist die blote schouders in die jurken zo mooi…
Het publiek heeft te doen met de zangers en acteurs in hun prachtige maar zeker niet erg dikke kostuums.
En het kinderkoor op hun fietsen en rolschaatsen, brr…
Maar gedurende de voorstelling word je als vanzelf toch warm, vooral van binnen.
Wat een prachtig gebeuren. En wat een mooie regievondsten.
Het is gelijk al schaterlachen als een tractor langs rijdt met in de bak een levensgrote stier.
En wat maken ze mooi gebruik van de molen, en van het oude postkantoor.
En wat knap zoals dat allemaal ook technisch tot klinken wordt gebracht.
De geluidsmensen zorgen dat het geluid ook van links komt als een zanger links staat te zingen, en we horen het koor echt van rechts als het van die kant komt.
De volgspottechneut, hoog in zijn toren, vastgeketend aan een touw, voor het geval hij zich verstapt, dan blijft hij halverwege de toren veilig hangen, draait op zijn gemak een shagje. Er is even een moment dat er niet zo veel te volgen valt. Maar even later, als er weer iets spectaculairs staat te gebeuren is hij er als de kippen bij om het prachtig in beeld te brengen. Naarmate de avond vordert en de zon langzaam verdwijnt, wordt het donker. De effecten van de belichting worden nog mooier.
We voelen mee met de acteur die een minuut of tien op de grond zit te zitten, op de stenen van het Molenbergplein. Dat zal niet warm zijn.
Maar wat warm is het applaus en het geroep als het allemaal voorbij is.
En bij de nazit vliegen de complimenten over en weer.
Niet alleen voor de profs die aan Carmen meededen.
Maar ook voor de mensen uit onze eigen regio. Ze stonden er toch maar, hetzij als solist, hetzij als ensemble, hetzij als kinderkoor.
En mooi dat de techniek werkte, en dat al de motoren direct startten, want het is gek, je vraagt je wel af wat er zou gebeuren als dat eens niet lukte…
Al met al raak je niet uitgepraat, en dat wijsje van de toreador blijft maar in je hoofd hangen als een oorwurm.
Carmen zelf was, zonder haar blonde pruik, nauwelijks herkenbaar.
Gelukkig had ze haar rode pakje aangehouden!
Terugwandelend naar huis floot ik automatisch weer die toreador...
Carmen in Delfzijl, we zullen haar nooit vergeten.

Kees Steketee

 

Kees’ kijk op Carmen (12)

Langzamerhand is de spanning te snijden.
Omwonenden van het Molenbergplein lopen even hun huizen uit en nemen een kijkje bij alweer een doorloop.
In het IVAK-gebouw repeteert het speciaal samengestelde Carmen in Delfzijl orkest.
Elke lesruimte wordt bevolkt door inspelende violisten, blazers en zangeressen. Er is een paukenist die heen en weer zeult met zijn pauken, en lessenaars verhuizen op onnavolgbare wijze van de ene naar de andere kamer.
Intussen zijn er ook muziekexamens gaande, en terwijl een Carmensoliste haar aria oefent achter mijn bureau (ja, elke ruimte wordt benut!) speelt daarboven een klarinettiste zich warm. “Mineur, harmonisch, o ja, dan wordt alleen de zevende verhoogd, of was het nou toch…”
Het Carmen productiekantoor, ooit was het de rokersruimte voor het IVAK-personeel, dampt van de activiteiten.
T-Shirts, Vip-kaarten, speciale parkeerarrangementen, niet verbazingwekkend dat het de argeloze voorbijganger duizelt.
Theorieleerlingen doen een herexamen, er worden diploma’s gedrukt (“Waarom doet de printer zo raar, we doen het toch elk jaar op deze manier?”) en in de Kruiskerk is weer de uitreiking van al die diploma’s terwijl enthousiaste vaders, en ook moeders trouwens, zich zorgen maken of ze weer op tijd thuis zullen zijn voor het WK-voetbal, dat inmiddels ook begonnen is. Maar al die leerlingen die met lof geslaagd zijn willen zich toch wél eerst even laten horen…
De verkiezingen zijn achter de rug, dus daar hoeven we ons niet meer druk om te maken. Tenzij we ons druk maken over de vraag hoe Mark Rutte uit de resultaten een kabinet moet timmeren.
Gelukkig gaan we daar in Delfzijl niet over. Het is nu alleen nog even Carmen wat de klok slaat.
Deze week de première.
En de weermannen doen hun best, net zoals ze dat altijd doen.
Erwin Krol spreekt enthousiast over wolkenvelden…
Overigens gaat het zo mooi dat alle voorstellingen zijn uitverkocht.
Daarom is er op zaterdag 26 juni een extra uitvoering gepland. Terwijl ik dit schrijf is daar nog ruimte, maar misschien is ook die voorstelling, tegen de tijd dat u dit leest, al wel vol. Dat zou zo maar kunnen…
Het is zaak er snel bij te zijn.
Delfzijl zal weten dat Carmen geweest is!
En daarna maken we ons gewoon weer zorgen over het broze gestel van Arjen Robben. Het leven gaat door…
 

Kees Steketee
 

 

Kees’ kijk op Carmen (11)

En dan vertel je gewoon over je ervaringen met Carmen, en dan blijk je mensen op hun tenen te trappen.
Wat is het geval? Ik spreek een paar weken geleden een jongen die op dat moment nog niets wist van Carmen, laat staan van Carmen in Delfzijl. Om te laten zien hoe goed de Carmen pr machine werkt vertel ik dat hij, dankzij TVNoord, dankzij activiteiten op het Molenbergplein, dankzij affiches tot op de vuilniswagen toe, dankzij een oker gekleurde Vennenflat, een paar weken later precies weet wat er staat te gebeuren.
De jongen was en is student en brengt het grootste deel van de week op zijn studentenkamer door. Maar als hij thuis is, is dat in Spijk!
En dat had ik niet mogen zeggen.
“Je schrijft negatief over Spijk!” werd me toegevoegd.
“Het zijn best leuke stukjes, maar die laatste…”
“Maar die jongen had ook in Woldendorp kunnen wonen…” probeerde ik nog.
“Nee,” antwoordde ze (het was een ze), “daar woonde hij niet!”
En daar kon ik niks tegenin brengen. De bewuste student woonde en woont in Spijk, weliswaar aan de rand, maar toch.
Ik realiseerde me dat er ook mensen uit Spijk meezingen in het Carmenkoor, maar tegelijkertijd besefte ik dat dat niet eens waar is.
De zangeressen die ik ken komen uit Losdorp, en dat is iets anders, hoewel de kerkelijke gemeente Spijk-Losdorp één is, en kinderen uit Losdorp naar Spijk naar school gaan…
Het gaat in zo’n column (want dat is de bedoeling van deze stukjes tekst, dat het columns zijn!) over zaken die een glimlach teweeg kunnen brengen, een gevoel van herkenning, soms ook een gevoel van totale niet-herkenning, hier slaat hij de plank toch wel even helemaal mis, zonder dat mensen zich nou gekwetst zouden moeten voelen.
En de essentie is natuurlijk relativering: je kunt wel denken dat de hele wereld zich druk maakt om hetzelfde als waar jij mee bezig bent, maar dat is niet zo.
Ik hoorde eens het verhaal van een cabaretier die zich zenuwachtig maakte voor zijn optreden. Vanaf de achterzijde van het theater zag hij in één van de huizen een man heerlijk onderuitgezakt zitten kijken naar een voetbalwedstrijd. De man zag er ontspannen uit en had, uiteraard, geen weet van de zenuwen van de cabaretier. De cabaretier vroeg zich af: “Waarom doe ik dit? Waarom zit ik ook niet thuis op de bank?”
Maar hij wist ook dat hij na afloop van de voorstelling het antwoord zou weten.
En of nou de man voor de tv wist waar de cabaretier mee bezig was of niet, en of nou heel Noord-Groningen weet wat er op het Molenbergplein staat te gebeuren, dat maakt niks uit, zolang de mensen die het wél weten er ook maar ontzettend van gaan genieten.
Al komen ze ook uit Spijk!
 
Kees Steketee

 

Kees’ kijk op Carmen (10)

Een paar weken terug liet ik tegenover iemand uit Spijk de term “Carmen in Delfzijl” vallen. De jongen had geen idee waar ik het over had.
Nou brengt hij als student zijn weken doorgaans door op zijn studentenkamer, een paar uur met de trein van hier verwijderd, en ik begreep dat hij zijn studie héél serieus neemt, maar in de weekenden is hij toch wel in de buurt. Maar in Spijk had hij nog niks gemerkt…
Je snapt het niet, want het gonst nou toch werkelijk overal van die Carmen.
Vrijdag zag ik zelfs een behoorlijk lange uitzending op TVNoord, ook in Spijk te ontvangen, waarin de voorbereidingen en repetities werden getoond.
De Amerikaanse dirigent David Levi instrueerde zangers, zangeressen en heel jonge koorleden, en zelfs de kleine kinderen leken zijn Engels volledig te begrijpen. Regisseur Corina van Eijk gaf een laatkomer op zijn kop, en ook zagen we een soliste die de hele dag niet anders doet dan de Habanera zingen. Uit welingelichte kringen heb ik trouwens vernomen dat dat niet het lied is wat zij in de opera moet doen.
Ze gebruikt hem waarschijnlijk vooral als inzingoefening, zowel onder de douche als op het toilet, tot aan de bushalte toe. Althans, dat werd in de film gesuggereerd.
Mochten er nog mannen te weinig zijn: op de eerste Pinksterdag zat ik toevallig in hetzelfde restaurant te eten als het bestuur van de Pinksterfeesten. Ter verhoging van de feestvreugde hieven de heren hun clublied aan. Ik weet niet waar het aan lag, misschien wel aan de spontaan aangeboden pianobegeleiding, maar het resultaat was werkelijk indrukwekkend: er kwam me daar toch een stuk mannelijk zangtalent aan het licht! En ook later nog, toen als afsluiting van de avond het Grunnens Laid werd gezongen, kreeg je de indruk meer te maken te hebben met een geoefend mannenkoor dan met een organisatiecomité!
Het Molenbergplein ondergaat intussen een ware metamorfose.
Het doet me een beetje denken aan de Grote Markt waarvan de oostwand verbouwd moet worden: voor Carmen in Delfzijl bouwen ze gewoon een wand vóór De Molenberg en De Bolder.
En er is ook al een tribune opgebouwd.
Er zijn tentoonstellingen, er zijn concerten in Carmensfeer, in Losdorp is een Spaanse avond in verband met Carmen, kortom, het is allemaal Carmen wat de klok slaat. En met de Pinksterfeesten werd modern gedanst op diezelfde Habanera, gezongen door diezelfde soliste, in een heel dansbaar gemaakt tempo. “Hip!” noemden ze dat.
Gisteren kwam ik de student uit Spijk weer tegen. Ook hij was inmiddels op de hoogte…

Kees Steketee

 

 

Kees’ kijk op Carmen (9)

Als je het over Spanje hebt heb je het over stieren.
Misschien zelfs wel over stierenvechten, maar daar schijnt niet iedereen even blij mee te zijn. Zeker die stieren niet. Kan ik me ook wel voorstellen.
Inmiddels is Carmen in ‘Koffietijd’ geweest. Dat is een dagelijks televisieprogramma waarin gezellig wordt gesproken over allerlei gezellige dingen. Je moet er van houden, maar als je dat doet is het een leuk programma.
Ergens eind april was één van de hoofdrolspelers van onze Carmen in Delfzijl er te gast. Maaike Widdershoven mocht vertellen over haar ervaringen bij de repetities. Het hele item duurde twee minuten, en dat is best de moeite in de televisiewereld. Het moet daar altijd snel, en flitsend en kort, want voor je het weet zapt de kijker weg…
Terwijl Maaike aan het woord was werden er wat foto’s vertoond van het Molenbergplein.
En daar wilde ik het nou eens over hebben!
We kregen op het IVAK het verzoek om rechtenvrije foto’s van het plein.
Als namelijk een willekeurig persoon, we noemen hem Jan, een foto van het Molenbergplein zou maken, een plein waar hij helemaal niets aan gedaan heeft, geen tegel gelegd, geen boom geplant, geen parkeerkaartje gekocht, dan toch is die foto van Jan niet rechtenvrij. Jan heeft hem namelijk niet gemaakt voor RTL, maar voor zichzelf, en als iemand die foto wil gebruiken moet hij daar Jan dan voor betalen.
Sinds we digitale camera’s hebben kan iedereen die op het Molenbergplein gaat staan daarvan een foto maken, en als iedereen dat ook doet kun je niet meer zien welke foto nou van Jan of van, om maar een ander willekeurig voorbeeld te noemen, van Kees is.
Het was dus een kleine moeite om RTL van een rechtenvrije foto te voorzien, en ik kan u vertellen dat er een hele trotse Kees naar ‘Koffietijd’ zat te kijken toen zijn rechtenvrije foto langskwam. Toch zeker twee seconden was de molen in beeld zoals ik hem er op had gezet!
Terug naar de stieren. Het schijnt dat daarmee ook iets aan de hand is wat rechten betreft.
De echte Spaanse stier, zoals die op sommige Spaanse sherry merken staat, is een beschermde diersoort, althans dat logo is beschermd, en bepaald niet vrij van rechten. Dat sherry merk heeft gezorgd dat alleen zij, maar dan ook alleen zij, de stier op die manier mogen gebruiken!
De stier die Carmen in Delfzijl gebruikt schijnt eigenlijk een Grieks exemplaar te zijn, om precies te zijn een beest van Kreta.
Maar een kniesoor die daar op let, en zo’n stier die door zo’n typisch Delfzijlse reddingsboei duikt kan natuurlijk niet anders dan vrij van rechten zijn.
Gelukkig maar!

Kees Steketee

 

Kees’ kijk op Carmen (8)

Als je ziet wat er allemaal met die Carmen gebeurt begin je door te krijgen hoe het werkt.
Het is bepaald niet genoeg meer om alleen maar ‘goed’ te zijn. Je kunt nog zo goed zijn, nog zo geweldig, nog zo’n talent, als er niemand is die het weet kun je daar helemaal niks mee. Dan krijg je zo’n stereotiep beeld van de miskende kunstenaar op zijn zolderkamer.
Tegenwoordig hoeft dat niet meer. Je kan jezelf via YouTube laten zien, en als het een beetje meezit word je dan ontdekt door een grote platenfirma en kan de carrière van start. Je ziet dan hoe mensen die op hun slaapkamer voor de webcam een liedje hebben ingezongen opeens beroemd worden (ze zijn ook graag geziene gasten in van die snelle programma’s als De Wereld Draait Door), terwijl ik me dan afvraag wat dat meisje nou zo anders maakt dan die twaalf andere zangeresjes in datzelfde dozijn. Het is dus eigenlijk het omgekeerde van dat miskend zitten zijn op je zolderkamertje: je hoeft niet goed te zijn, of geweldig, of talentvol, als de mensen maar dénken dat je dat bent.
Een organisatie die met beide benen in de moderne tijd wil staan moet ook wel meegaan met die moderne tijd.
Niet alleen zorgen dat het allemaal goed gedaan wordt (uiteraard zorgen ze daar voor!) maar ook zorgen dat iedereen, of hij dat nou wil of niet, daar ook kennis van neemt.
Daarom ook lopen er al een tijd allerlei mensen op het IVAK rond die daar normaal gesproken niet rondlopen. En dan heb ik het nog niet eens over die Amerikaanse dirigent, die Canadese pianiste of die Amsterdamse regisseur.
Nee, ik bedoel de pr-mensen wier taak het is om er voor te zorgen dat het niemand zal ontgaan dat Carmen er zit aan te komen.
En dank zij die mensen zie je petjes van Carmen, T-shirts van Carmen, balpennen van Carmen, ballonnen van Carmen en vlaggen van Carmen.
Laatst zat ik zo’n pr-jongen wat te jennen. We hadden net Koninginnedag gehad waarbij de eerste helft, in Wemeldinge, behoorlijk nat was verlopen: het regende voortdurend en Willem Alexanders jasje zag er nogal verfomfaaid uit toen hij weer in de bus stapte.
Het leek me handig om met het oog op onze Nederlandse weersgesteldheden ook een Carmen-paraplu in de merchandising voorraad op te nemen.
Hij vond dat geen goed idee. Op de een of andere manier, zo zei hij, zou je op die manier de weergoden verzoeken. “Als er toch allemaal paraplu’s zijn kunnen we net zo goed regen sturen…” zouden ze dan denken.
Dus als het straks in juni, in de Carmenweek, alleen maar stralend weer is weten we hoe dat komt: omdat we heel bewust geen Carmenparaplu’s hebben geregeld!

Kees Steketee

Kees’ kijk op Carmen (7)

Het heet dan wel ‘Kijk op Carmen’ maar af en toe krijg je het idee dat er nog niet veel te zien valt.
Ja, affiches, soms gigantisch, zoals op de Vennenflat, soms op een bijzondere plek, zoals op de vuilniswagen in de straat, maar écht Carmen zien is er nog niet bij. Wel was er ‘Carmen op klompen’, maar zij is al weer uitgespeeld…
Er was een aantal kunstenaars dat niet kon wachten. Ze wilden toch alvast wat beeldmateriaal hebben. “Dan maken we het zelf!” was zo ongeveer de gedachte. En dat kan als je kunstenaar bent.
Ze vroegen, en kregen, toestemming om aan te schuiven bij de Carmenrepetities die in volle, hevige, en soms langdurige gang zijn.
En zo zitten Hinnie Steenbruggen, Marc den Hamer, Michiel Budel en Paula Biemans al een aantal weken te tekenen. En naar aanleiding van die tekeningen gaan ze dan weer schilderen, en in Molen Adam gaat het vanaf 9 mei allemaal tentoongesteld worden, onder de titel ‘Op weg naar Carmen…’.
Er zit ook een filosofie achter. Paula vertelt: “Er valt van alles te beleven tijdens een repetitie, waar het publiek geen weet van heeft. Natuurlijk wordt de zang gerepeteerd en nog eens en nog eens. Maar daarnaast moet er ook door de koorleden geacteerd worden. Zitten en staan, grimassen trekken, om elkaar heen draaien, elkaar aankijken en dan weer niet. En dat alles terwijl elk koorlid als een nachtegaal moet zingen. Precies zoals de dirigent heeft aangegeven. Dat hele proces van zoeken naar vorm, geluid, compositie en kleur is razend interessant om te volgen voor de tekenaars. Want zij doen in wezen hetzelfde. Daar ter plekke.”
Het gaat dus om de ruwe versie, ongepolijst, met hier en daar nog valse noten en zonder ingestudeerde pasjes. De tekenaars gaan daarmee gelijk op. Ook als zij gaan schilderen blijft het het ruige werk, want tijd om in detail te treden, om dingen tot in de puntjes uit te werken, is er niet. Ook al omdat de expositie opent op 9 mei, wanneer het koor nog midden in het proces zit…
Paula Biemans: “Je zou kunnen zeggen: iets dat niet helemaal af is, is in dit geval mooier dan iets dat wel af is. Hier mag geschaafd en gebeiteld worden. En dat doen we dan ook met veel plezier.”
Er wordt trouwens ook gefilmd bij de repetities, een soort docusoap over ‘The making of Carmen’. In die docusoapfilm zie je straks vast ook die tekenaars, dan wordt het een soort ‘The Making of the Making of Carmen…’‘
‘Op weg naar Carmen’, ‘The Making of Carmen’, ik hou het maar op mijn eigen ‘Kijk op Carmen’.

Kees’ kijk op Carmen (6)

Je kan zo’n column natuurlijk overal voor gebruiken.
Je geeft je mening, je prikkelt wat, je stopt er een flinke dosis zelfspot in, van alles is mogelijk.
Je kan hem ook gebruiken om ergens de aandacht op te vestigen.
Dat wilde ik deze keer maar eens doen…
Ik ben van huis uit niet zo’n gezelligheidsdier.
Een biertje en een sigaartje, heerlijk, maar dat hoeft voor mij niet met tientallen mensen samen zal ik maar zeggen.
Toch zijn er van die momenten dat je een gevoel van ‘samen’ hebt waar je, ook als notoire Einzelgänger, erg gelukkig van wordt.
Ik had het deze winter, als we op een zondagmorgen alwéér bezig waren om met zijn allen de straat van sneeuw te ontdoen. We liggen niet op een strooi- en veegroute, en dat gezamenlijk opruimen van de sneeuw gaf een enorm saamhorigheidsgevoel. Ik moet er eerlijkheidshalve wel bijzeggen dat het na een paar weken wat minder werd. En laten we wel wezen, de paar centimeter sneeuw die toen nog viel, was niet echt een probleem.
Ik had het ook in mijn vorige woonplaats. Daar hadden ze op gezette tijden zogenoemde lichtweken. Alle straten werden versierd met lampjes en vlaggetjes en aan de hand van een bepaald thema werden er allerlei attributen vervaardigd en neergezet. Ooit hadden we op het pleintje achter het huis van plastic en strobalen een heus zwembad gecreëerd.
Werkelijk dagen lang liepen de kranen van de buurtgenoten om het bad te vullen. Maar wat gaf het een voldaan gevoel om dat samen allemaal voor elkaar te krijgen.
Of als zanger in een koor: je werkt naar een uitvoering toe, en wat geeft dat een kick als het allemaal lukt!
In juni hebben we Carmen in Delfzijl. Het zal niemand ontgaan.
Een belangrijk doel van het hele spektakel is ook om in Delfzijl iets van Community, van gemeenschap, van samenwerking, op gang te krijgen.
En dat lijkt voor een groot deel ook te gaan lukken.
Wat nog niet helemaal rond schijnt te zijn is de werving van vrijwilligers voor allerlei klussen. Er moet getimmerd worden, er is catering nodig, soms is kinderoppas handig, er zijn mensen (“kunnende noten lezen”) nodig om de regisseur te assisteren, er wordt nog gezocht naar lichttechnici, chauffeurs, verspreiders van folders en flyers, kaartverkopers, verkeersregelaars, hostesses, EHBO-ers, een tractorrijder, liefst met eigen trekker, naaisters, make-up mensen, en zo kan ik nog wel een poosje doorgaan.
Voor wie het leuk lijkt om dat saamhorige community gevoel te ervaren: kijk op www.carmenindelfzijl.nl, ga naar de link vrijwilligers, en meld u aan!
Wat zal dat een voldaan gevoel geven, en wat zal dat biertje met die sigaar daarna smaken…

Kees' kijk op Carmen (5)


Sommige mensen kunnen alles.
Terwijl ze in Delfzijl bezig zijn met de voorbereidingen voor ‘Carmen in Delfzijl’, staat op het Hogeland weer het spektakel ‘Terug naar het begin’
op de agenda. Dat is een festival dat een paar jaar geleden begonnen is als eenmalige actie, en dat beviel iedereen zo goed dat het het jaar daarop weer werd georganiseerd en in 2010 alweer.
Dat ‘begin’ is trouwens een rekbaar begrip, want vorig jaar werden de zestiger jaren van de vorige eeuw als beginpunt genomen, ook omdat toen de Stichting Oude Groninger Kerken werd opgericht, en die club schijnt er ook iets mee te maken te hebben.
Dit jaar gaan ze wat verder terug, naar de Middeleeuwen, en door middel van concerten, voorstellingen en tentoonstellingen wordt de bezoeker van het festival meegevoerd naar de tijd van Hadewijch. Het gaat over de liefde, en vooral het verlangen daar naar, en dat wordt in al die mooie oude kerken op het Hogeland uitbundig dan wel ingetogen bezongen, al naar gelang.
Maar de Carmen in Delfzijl club zou de Carmen in Delfzijl club niet zijn als ze daarin geen mogelijkheden zouden zien voor verregaande samenwerking.
Volgens de simpele formule: als Hadewijch over liefde en hartstocht gaat en Carmen over liefde en hartstocht gaat zijn Hadewijch en Carmen dus combineerbaar.
Vervolgens werd IVAKmuzikanten de opdracht gegeven een programma te maken dat de lading Hadewijch-Carmen, dekt.
Met het programma “IVAK musici met collegae op zoek naar de liefde” staan ze in het festival en spelen op zaterdagmiddag 29 mei in de kerk van Westeremden.
Ties Molenhuis, als klavierleeuw verbonden aan het IVAK, is van de partij en speelt samen met Ellen Dijkhuizen, ooit IVAK-leerling quatre-mains op de piano. Daarnaast doen Rob Nijboer (gitaar) en Marjan van der Heide (sopraan) mee. Zij zingen, hetzij ingetogen, hetzij uitbundige zwoele dan wel romantische Spaanse muziek.
Maar die Hadewijch en Carmen, hebben die nou werkelijk overeenkomsten?
“Is dat echt belangrijk? Het is mooie muziek, het gaat over de liefde, het is hartstochtelijk, wat wil een mens nog meer…”
En die mystiek van Hadewijch?
“In zo’n prachtige kerk krijgt alle muziek iets van mystiek mee, of niet soms?”
Laten we het daar dan maar op houden.
“In het najaar gaan we trouwens, met min of meer hetzelfde programma,  ook meedoen aan KunstMonument. Dan gaat het over het Landschap.”
Mooie metafoor: Het Landschap bezongen als een geliefde.
Zo past alles bij elkaar.
Als je het maar wil zien!

 

Kees' Kijk op Carmen (4)

En toen bleek opeens dat de tijd vliegt.
Terwijl je je nog rustig zit op te winden over Sven Kramer die een verkeerde afslag neemt, is het plotsklaps 20 maart. De première van Carmen op Klompen, de familievoorstelling, in Meedhuizen.
In het weekend daarvóór zijn we eens wezen kijken hoe het met de repetities ging.

De vleugel waar de pianisten vorige keer ruzie om maakten stond er niet meer. “Nee, het leek ze bij het IVAK verstandiger om het stuk te spelen met een digitale piano. Zo’n ding kun je gewoon resetten als het allemaal uit de hand gelopen is. Stel je toch voor dat je de vleugel total loss speelt…”

En de toneelvloer dan? Ik zag de dames dansen op klompen, ik dacht dat het gebouw zou instorten. En dat terwijl er daaronder iemand probeerde om zich te concentreren op zijn yogaoefeningen. Hoe zit dat met de locaties waar jullie gaan spelen?

“Nou, Ruben, onze productieassistent annex locatiemanager annex manusje-van-alles, heeft ze allemaal goed bekeken en het schijnt dat de podia overal sterk genoeg zijn. En in geval van twijfel worden wat extra steunbalken gemonteerd…”

Maar loopt het nou al een beetje? Ik wist niet dat in Carmen een klompendans voorkwam. “Nee, die zit er ook niet in. Maar we dansen wel mooi een Spaanse dans op die klompen. Daarin zijn we uniek. Dat heeft nog nooit iemand gedaan!” Leuk om uniek te zijn, maar als ik hoor wat er allemaal gezongen wordt, denk ik: het zal wel uniek zijn, maar klopt het ook allemaal? “Dat klopt, want soms moeten we dingen zingen die niet kloppen, dus dat klopt wel…”

Langzamerhand duizelt het me. En wat doet een lied over Delfzijl in Carmen? ”Nou, dat lijkt me heel simpel, we hebben het al het hele jaar over Carmen in Delfzijl, dus wat past er beter in Carmen dan Delfzijl?” Ja, geen speld tussen te krijgen.

Maar tot slot dames, die Carmen op Klompen, gaat dat nou over Carmen of over Klompen? “Nou gewoon, over Carmen op Klompen, en als je wilt weten hoe mooi het wordt moet je gewoon komen kijken op de première, als die tenminste nog niet uitverkocht is, en anders bij een van de andere voorstellingen. Kijk maar op de site, carmenindelfzijlofzoiets.”

En voorzichtig, nou, nee, niet eens voorzichtig, word ik het repetitielokaal uitgewerkt. “U verstoort met uw tendentieuze vraagstelling de repetitie!” zegt de regisseur. Hij kijkt bezorgd. Hij vindt ook dat de première langzamerhand wel heel dichtbij begint te komen…

Inmiddels zijn we een week verder, de première is geweest, en…
Nee, we verklappen verder niets.

Kees Steketee

Kees' kijk op Carmen (3)

In mijn jeugd hadden we een kruidenier, zo heette die man, die elke week een boekje bracht voor de boodschappen. Mijn moeder vulde in wat ze nodig had en een dag later bracht de man de spullen, met in het boekje de prijzen er achter en hij had de zaak opgeteld, zodat ma ook gelijk kon afrekenen. We kregen ook zegeltjes. Bij elke gulden één. Die zette hij er ook achter. Bij elk artikel apart. Bij de koffie van 1,69 kregen we 1 zegeltje, bij de aardappelen van 2,76 kregen we er 2, en bij de suiker van 95 cent kregen we niks. Het duurde dan ook heel lang voor het zegelboekje vol was! Maar zegels zijn er nog steeds, en acties, en bijzondere aanbiedingen.

Straks in juni kleurt Delfzijl oranje. Zoals elke twee jaar als het Nederlands elftal weer aan een EK of WK meedoet. En uiteraard zijn er de voetbalplaatjes. Maar dit jaar zal het anders zijn. De kleur oker zal ook te zien zijn. Het embleem van het fenomeen Carmen in Delfzijl, de opera op het Molenbergplein, met daarnaast allerlei zaken in de kantlijn, maar zeker niet in de marge, georganiseerd door heel verschillende mensen, uit heel verschillende groepen van de Delfzijlster bevolking.

En dan is er het gemeentebestuur. Dankzij dat bestuur kunnen inwoners van de gemeente Delfzijl met korting naar de opera. Je vraagt je dan af of die bestuurders persoonlijk ook iets met de opera hebben, of ze überhaupt zelf zingen. Een klein veldonderzoek leert dat er tenminste één wethouder is die in ieder geval ’s zondags in de kerk nog wel eens een lied wil aanheffen, al zijn de meningen over de kwaliteit van dat gezang verdeeld. Van de andere wethouders is zelfs niet officieel bekend wat ze onder de douche op dat gebied doen… Desondanks draagt de gemeente de plannen om Carmen naar Delfzijl te halen een warm en bovendien ruim hart toe.

Het IVAK en Opera Spanga, de twee organisaties die het allemaal waar moeten gaan maken, zijn daar uiteraard zeer gelukkig mee. En dat mag best ook eens gezegd worden!

En om te voorkomen dat deze uitbundige loftuitingen aan het adres van het gemeentebestuur zouden kunnen worden uitgelegd als een verkiezingsstunt doen we ze niet eerder dan op 3 maart. De verkiezingen zijn geweest, de stemmen bijna geteld, en mochten de kansen van de wethouders op continuering van hun functie tegenvallen, dan kunnen ze zich altijd nog (als ze in Delfzijl wonen zelfs met korting dus!) verheugen op die mooie week in juni, straks op het Molenbergplein.

Kees Steketee

Kees’ kijk op Carmen (2)

Je ziet wel eens legpuzzels aan de muur hangen.
Mensen hebben een reproductie van de Nachtwacht van Rembrandt in 10.000 stukjes geknipt, die stukjes in een doos gedaan en verkocht, en de mensen die de doos kochten zijn maanden bezig geweest om de zaak weer in de goede volgorde te leggen.
Vervolgens heeft een bevriende handige klusser de puzzel op een stuk triplex geplakt en ingelijst en zo hangt er een prachtig schilderij boven de schoorsteenmantel, met helaas wel allemaal rare hobbelige naadjes er in. Ik herinner me ook een schildercursus waarbij je een tekening kreeg met allemaal genummerde vakjes. Elk nummer correspondeerde met een kleur, jammer voor mij, kleurendyslecticus, en als je de juiste kleur in het juiste vakje smeerde ontstond er haast als vanzelf een mooi plaatje.
Onwillekeurig moest ik aan deze zaken denken toen ik in het IVAK-gebouw een schilderij zag hangen waarop overduidelijk Carmen te zien was. Ook dat schilderij was opgebouwd uit allemaal kleinere stukken die, soms duidelijk, soms minder duidelijk, door verschillende schilders waren ingevuld.
Wat was hier aan de hand?
Monica Jonkergouw, docente schilderen vertelt:
“De schilderijen zijn gemaakt naar aanleiding van foto’s die ik vond op het internet. Ik heb de foto’s in stukken geknipt, genummerd, en vervolgens de leerlingen gevraagd elk een stuk, natuurlijk flink vergroot, na te schilderen. Het heeft inderdaad iets van een legpuzzel maken, maar het is wel degelijk iets anders! Het is bijvoorbeeld een hele goeie oefening in het mengen van kleuren. Daarnaast is het erg leuk om na afloop de stukken bij elkaar te brengen en de verbazing op de gezichten van de cursisten te zien, als blijkt wat voor mooie schilderijen er uit gekomen zijn.”Maar maken ze niet liever een compleet eigen schildering? Sommige leerlingen wel, maar het is voor anderen, die nog niet zo ervaren zijn, juist leuk om op deze manier toch mee te kunnen werken aan de totstandkoming van zo’n mooi kunstwerk.”
Monica wil haar leerlingen in de nabije toekomst ook nog aan het werk zetten met het maken van Spaanse landschappen, en de leerlingen portret schilderen gaan aan de slag met een portret van Carmen in haar mooie jurk. Iemand zal daarvoor dan gaan poseren.
Van in stukken knippen of zagen is dan uiteraard geen sprake. Je moet er niet aan denken…

Kees Steketee

Kees' Kijk op Carmen (1)

Wetend dat er een festival ‘Carmen in Delfzijl’ aankomt is het niet verwonderlijk dat je, lopend door het IVAK-gebouw, af en toe een riedeltje van de bekende opera van Bizet opvangt.
Maar op die dinsdagavond was het wel heel bijzonder.In een zaal waren een stuk of wat jonge meiden bezig ruzie te maken. Maar ze waren ook aan het zingen. En er was een pianist bij, of eigenlijk twee, en ze leken elkaar achter de vleugel niet echt te kunnen verdragen. Als de ene speelde stond de andere verveeld te kijken. Van hem werd verwacht dat hij de blaadjes zou omslaan (“Wil je de bladen wenden?”) maar dat deed hij zo slordig, soms wel twee tegelijk, dat de muziek hier en daar aardig in de soep dreigde te lopen.
Manhaftig sloeg de jonge pianiste zich door de partituur heen. En ze bleef glimlachen. Want dat had de regisseur haar gevraagd. Een van de zangeressen kende haar partij niet. Of was dat nou…? Allengs werd duidelijk wat er aan de hand was.
Ze waren aan het repeteren voor een speciale productie. ‘Kleintje Carmen’, dat was de werktitel, zo werd me verteld, maar ze hadden het ook over ‘Carmen op Klompen’. Ach, als het maar allitereert, net als Kijken naar Carmen met Kees.
Met die Kleine Carmen op haar klompen (“en dat zijn niet de klompen waarmee je de koeien gaat melken…”) moet de wijde omgeving van Delfzijl warm gemaakt worden voor de opera die in juni op het Molenbergplein staat. Een kleine voorstelling, op locatie, met stukjes uit Carmen, maar niet te lang. Mooi gezongen, uiteraard, maar soms ook gepersifleerd. Eigenlijk weet je dat als toeschouwer nooit helemaal zeker. Je voelt je op het verkeerde been gezet. Dreigt ontroerd te raken, maar dan moet die pianiste opeens weer zo nodig een virtuoze solo ten beste geven. Je snapt niet dat die regisseur dat allemaal maar goed vindt.
Toen ik weer wilde weggaan begonnen ze net aan een dansje. “Een paso doble…!” juichte iemand. En de meisjes klapten in de handen zoals echte Spaanse dames dat zo goed kunnen. Net na elkaar maar toch op een of andere manier in de maat. Hoempa, tata, tatatatata,…. “We gaan nog veel oefenen hoor!” riep de pianiste toen ik de deur achter me dicht deed.
Wordt ongetwijfeld vervolgd.